WWF Living Planet Report 2026: ondanks gemiddelde afname van 73% in omvang van wilde dierenpopulaties, zien wetenschappers ook reden tot hoop

WWF Living Planet Report 2026: ondanks gemiddelde afname van 73% in omvang van wilde dierenpopulaties, zien wetenschappers ook reden tot hoop

  • Indicatoren voor biodiversiteit wijzen nog steeds op een enorme achteruitgang van de natuur op wereldschaal. 
  • Het herstel van populaties groene zeeschildpadden, tijgers, blauwvintonijn en Zuid-Afrikaanse olifanten laat zien hoe effectief natuurbescherming kan zijn. 
  • Energie-, voedsel- en financiële systemen zijn de belangrijkste oorzaken van natuurverlies, maar zij kunnen getransformeerd worden. 

Brussel, 8 oktober 2026 – De gemiddelde omvang van gemonitorde populaties van in het wild levende dieren is over een periode van 52 jaar met 73% afgenomen. Het vandaag gepubliceerde Living Planet Report van WWF besluit tegelijkertijd dat natuur zich kan herstellen als we als samenleving de juiste acties ondernemen. ‘Het herstel van populaties zoals de tijger toont aan wat langdurig volgehouden inspanningen op het vlak van natuurbehoud opleveren en dat geeft hoop’, vertelt Anka Stenten, CEO van WWF-België.   

De Living Planet Index (LPI) omvat 35.803 populatietrends bij 5.790 gewervelde diersoorten in de periode 1970-2022. Het rapport wijst erop dat mondiaal de grootste achteruitgang zich voordoet in zoetwaterecosystemen (-85%), gevolgd door terrestrische ecosystemen (-69%) en mariene ecosystemen (-59%).  

Verlies en aantasting van leefgebieden vormen de meest gerapporteerde bedreiging voor de gemonitorde populaties van in het wild levende dieren, gevolgd door overexploitatie, klimaatverandering, vervuiling, invasieve soorten en ziekten. Die bedreigingen ontstaan door systeemfouten in onze voedsel-, energie- en financiële systemen. 

Olifanten en tonijn 

‘De biodiversiteit blijft in alarmerend tempo achteruitgaan, maar er is ook reden voor hoop. Het Living Planet Report laat zien dat populaties van heel wat soorten stabiel zijn of er zelfs op vooruitgaan, en bevat inspirerende verhalen die aantonen dat natuur zich kan herstellen. Verandering is echt mogelijk,’, legt Anka Stenten uit.

‘Dat populaties olifanten in zuidelijk Afrika, tijgers, blauwvintonijn en groene zeeschildpadden terug aangroeiden, bijvoorbeeld, maakt duidelijk wat jarenlange, gezamenlijke inspanningen op vlak van natuurbehoud kunnen opleveren.’ 

Naast investeren in natuurherstel moeten ook de systemen die het verlies aan natuur veroorzaken, aangepast worden. Het voedselsysteem is de belangrijkste oorzaak van habitatverlies, het energiesysteem stuurt de klimaatverandering aan, terwijl het financiële systeem activiteiten financiert die voor de natuur schadelijk zijn. Als we die systemen aanpassen, kunnen we samen onze levende planeet herstellen. 

Wat kunnen we doen? 

Om die structurele verandering teweeg te brengen en de planeet te herstellen, is het belangrijk dat landen zich richten op de doelstellingen die werden overeengekomen in het mondiaal biodiversiteitskader van Kunming-Montreal en het klimaatakkoord van Parijs. De komende twee maanden vinden de VN-conferenties over zowel biodiversiteit als klimaat plaats, wat regeringen opnieuw een uitgelezen kans biedt om de transitie te versnellen. 

Het is een kans die onze politici moeten benutten, op een planeet die opwarmt, waar extreme weersomstandigheden steeds frequenter optreden, waar bosbranden zich verder verspreiden en de natuur treffen, nota bene onze beste bondgenoot tegen klimaatopwarming. Onze regeringen moeten dan ook hun verantwoordelijkheid opnemen en actie ondernemen, hier in België, maar ook buiten de landsgrenzen waar hetgeen we produceren en consumeren eveneens een impact heeft. Een ambitieuze uitrol van de Europese ontbossingswet is daartoe een uitstekend instrument.   

Ook de implementatie van de Europese natuurherstelwet hoort een prioriteit te zijn bij onze politici. Het herstelwerk moet gepaard gaan met een vermindering van de CO2-uitstoot, wat bewerkstelligd kan worden door de subsidies voor fossiele brandstoffen te heroriënteren naar activiteiten die geen schadelijke, maar een positieve impact hebben op de natuur. 

Als we die maatregelen op lokaal en mondiaal niveau nemen, kunnen we de neerwaartse trend een halt toeroepen en zelfs omkeren, en zo een wereld opbouwen waarin de mens in harmonie leeft met de natuur.  

Het Living Planet Report 2026 is de 16de editie van de tweejaarlijkse, belangrijkste publicatie van WWF. Het volledige rapport en een beknopte samenvatting vind je hier, net zoals bijhorend foto- en videomateriaal.

WWF stelt de resultaten van het Living Planet Report op 8 oktober 2026 voor in het Instituut voor Natuurwetenschappen in Brussel. Die omgeving sluit mooi aan bij de missie van WWF: de samenleving mobiliseren en sensibiliseren, toekomstige generaties incluis. Sinds zijn oprichting in 1966 werkt WWF-België samen met het museum van het Instituut, waar het recent bijdroeg aan het parcours en de educatieve folder bij de nieuwe expo 'Animazing'. 
Ben je er graag bij op 8 oktober? Geef een seintje via [email protected]  

Noten voor redacteurs

  • De Living Planet Index werd opgesteld door de Zoological Society of London en toont een gemiddelde afname van 73% in de gemonitorde populaties van in het wild levende gewervelde dieren (zoogdieren, vogels, amfibieën, reptielen en vissen). De procentuele verandering in de index geeft de cumulatieve gemiddelde proportionele verandering weer in de omvang van de gemonitorde dierenpopulaties over de hele wereld sinds 1970, en niet het aantal verloren gegane dieren, noch het aantal verloren gegane populaties. 
  • Opeenvolgende edities van de LPI zijn niet rechtstreeks vergelijkbaar aangezien ze verschillende datasets bevatten. Sinds de vorige editie van het Living Planet Report in 2024 werden bijvoorbeeld 967 extra populaties en 295 extra soorten toegevoegd. Belangrijk is ook het referentiejaar 1970: zowel in Europa als in Noord-Amerika was er al een enorme impact op de natuur vóór 1970, wat verklaart waarom er in die regio’s sprake is van een minder uitgesproken negatieve trend. In Europa en Centraal-Azië zien we een gemiddelde afname van 23%, in Noord-Amerika van 28%. De grootste afname in de gemonitorde populaties van in het wild levende dieren werd geregistreerd in Latijns-Amerika en het Caribisch gebied (95%), Afrika (80%) en Azië-Pacific (49%). 
  • 35.803 populatietrends en 5.790 soorten zijn opgenomen in de dataset waarop de Living Planet Index is gebaseerd. Die gegevens worden verzameld via meetlocaties over de hele wereld en omvatten populaties die in de loop van de tijd toenemen, afnemen of stabiel blijven. Hoewel de algemene trend wereldwijd negatief is, is ongeveer de helft (50%) van de in de LPI opgenomen populaties stabiel (7%) of aan het toenemen (43%). De omvang van de dalende trends overtreft echter die van de stijgende trends, wat resulteert in een gemiddelde daling van 73% voor de wereldwijde LPI. 
Contact
Hans Moyson
Media Relations Manager
WWF-België
+32 472 011 706
[email protected] 

Over WWF
WWF is een onafhankelijke natuurbeschermingsorganisatie en een wereldwijd netwerk dat actief is in bijna 100 landen. Onze missie is de aantasting van de natuurlijke omgeving van de planeet een halt toeroepen en een toekomst opbouwen waarin mensen leven in harmonie met de natuur. We willen de biologische diversiteit van de wereld in stand houden en zetten in op het gebruik van hernieuwbare, duurzame natuurlijke hulpbronnen. Ook de vermindering van vervuiling en afval is een van onze belangrijke speerpunten.