CoverMaiNdombe

Mai-Ndombe

SAMEN VOOR DE BESCHERMING VAN DE BOSSEN VAN MAI-NDOMBE

 

Een gulzige hoofdstad

Ten noordoosten van Kinshasa, de hoofdstad van de Democratische Republiek Congo (DRC), vormen de bossen van de provincie Mai-Ndombe de belangrijkste houtreserve voor de meer dan tien miljoen inwoners van de stad.

De provincie dankt zijn naam aan het Mmai-Ndombemeer, dat er in het midden van ligt. ‘Mai-Ndombe’ betekent ‘zwart water’. Het water in het meer komt van rivieren die heel veel humus van de omliggende bossen bevatten. De natuurlijke rijkdom van deze streek is nog maar een voorsmaakje van het grote woud van het Salonga Nationaal Park, dat ten oosten van het meer ligt.

Maar deze weelderige bossen, waar nog autochtone volkeren wonen die voor hun voeding van het bos afhangen (planten, wild, insecten…), worden beetje bij beetje vernietigd voor houtwinning en landbouw, een belangrijke bron van inkomen voor de plaatselijke gemeenschappen en de inwoners van Kinshasa. 

Mai-Ndombe, toevluchtsoord voor bonobo’s

In 2005 signaleerde de lokale ngo ‘Mbou-Mon-Tour’ ons de aanwezigheid van bonobo’s in de buurt van het dorp Bolobo langs de oevers van de Congorivier. Toen besloot het WWF de streek onder de loep te nemen. Er werden maar liefst 7500 bonobo’s geregistreerd, een populatie die nooit eerder wetenschappelijk werd vastgelegd. Dit bedreigde dier is het meest verwant aan de mens. Wij hebben 98 % van onze genen met elkaar gemeen. De bonobo’s leven in de bossen van de Democratische Republiek Congo, tussen de Congo- en de Kasaïrivier.

De bossen herstellen

Sinds 2008 werken WWF-België, het WWF-DRC en de ngo ‘Mbou-Mon-Tour’ samen met de plaatselijke gemeenschappen om de habitat van de bonobo te beschermen en de strijd aan te gaan met de twee voornaamste oorzaken van ontbossing: houtkap en landbouw. 

We hebben activiteiten op touw gezet om de bossen te herstellen, ofwel door snelgroeiende bomen aan te planten, die na zes jaar al houtskool kunnen leveren, ofwel met de techniek van de ‘natuurlijke regeneratie’, die erin bestaat bepaalde percelen onberoerd te laten zodat de plantengroei er vanzelf terugkeert.

Boslandbouw: richting een duurzamere landbouw

We stimuleren ook het gebruik van bomen in de landbouw om de voedselproductie voor de plaatselijke gemeenschappen te doen toenemen. Dit noemen we boslandbouw (ook gekend als agroforestry). Bomen op de velden bieden een onmiskenbare meerwaarde: ze beschermen de ondergrond, verbeteren de kwaliteit van de gewassen en verminderen de invloed van veranderingen in het klimaat.

Ecotoerisme ontwikkelen

Sinds 2008 worden twee van de vier geïdentificeerde bonobofamilies regelmatig gevolgd door rangers die WWF bij de plaatselijke gemeenschappen rekruteerde. Deze mannen, die het bos door en door kennen, besteden vele uren met het volgen en observeren van de apen. Het doel is ook om de apen te laten wennen aan menselijke aanwezigheid om het ecotoerisme in de streek te ontwikkelen. Binnenkort kunnen de eerste toeristen de bonobo’s komen observeren. Hun financiële bijdrage zal de plaatselijke gemeenschappen helpen om de bonobo’s verder te beschermen.