Klimaatverandering bedreigt de helft van alle planten- en diersoorten in de belangrijkste natuurgebieden ter wereld

2018-03-13 21:53:37

Brussel, 13 maart 2018 - Tot de helft van de planten- en diersoorten in de rijkste natuurgebieden van de wereld, zoals het Amazonegebied en de Galapagos, maar ook het Middellandse Zeegebied, zouden rond de eeuwwisseling te maken kunnen krijgen met plaatselijke uitsterving als gevolg van de klimaatverandering als de koolstofuitstoot ongecontroleerd blijft stijgen. Zelfs als het streefcijfer van maximum 2°C van het klimaatakkoord van Parijs wordt gehaald, zouden deze plaatsen 25% van hun soorten kunnen verliezen volgens een nieuw onderzoek door de Universiteit van East Anglia, de James Cook University en WWF.

In het rapport, dat morgen wordt gepubliceerd in het tijdschrift ‘Climatic Change’, onderzochten wetenschappers de impact van klimaatverandering op bijna 80 000 planten- en diersoorten in 35 van 's werelds meest diverse natuurgebieden. Ze onderzochten een aantal klimaatscenario’s – van een stijging van 2°C, de bovengrens die in de klimaatovereenkomst van Parijs bepaald werd tot een ‘business as usual’ scenario waarin de mondiale gemiddelde temperaturen stijgen met 4,5°C. Elk onderzocht gebied werd gekozen vanwege zijn unieke karakter en de verscheidenheid aan planten en dieren die daar te vinden zijn.

Isabelle Vertriest, directeur internationale programma’s van WWF-België: “In Zambia steunt WWF-België het Sioma Ngwezi Nationaal Park, gelegen in de Miombobossen, die ook onder de loep werden genomen door het rapport. Het gebied wordt geteisterd door veel langere droogtes dan vroeger, waardoor de waterbekkens sneller droog komen te staan en onder meer de olifanten het park uit lopen op zoek naar water. Daardoor komen ze in conflict met de lokale bevolking, die voor haar vee afhankelijk is van hetzelfde water. WWF installeert nu waterpompen op zonne-energie. Als we de klimaatverandering niet beperken dreigen de problemen echter onbeheersbaar te worden.”

Ook in het Middellandse Zeegebied komen al bij een temperatuurstijging van slechts 2°C al 30% van de dier- en plantensoorten onder druk te staan. De verhoogde warmte zet een negatieve spiraal in gang: ze zal meer bosbranden veroorzaken, waardoor de vegetatie minder bladeren overhoudt, waardoor de warmte nog meer oploopt enzovoort.  

Het rapport concludeert dat onder meer het Guyana-Amazonegebied en de Miombobossen de meest getroffen gebieden zijn. Als er een wereldwijde gemiddelde temperatuurstijging van 4,5°C zou zijn, worden de klimaten in deze gebieden naar verwachting ongeschikt voor veel van de planten en dieren die daar momenteel leven, wat betekent dat:

  • tot 90% van de amfibieën, 86% van de vogels en 80% van de zoogdieren mogelijk lokaal kan uitsterven in de Miombobossen, Zuidelijk Afrika
  • het Amazonegebied 69% van zijn plantensoorten kan verliezen
  • in het zuidwesten van Australië 89% van de amfibieën lokaal zou kunnen uitsterven
  • 60% van alle soorten op Madagaskar het risico lopen van plaatselijke uitsterving
  • het Fynbos in de regio West-Kaap van Zuid-Afrika, waar een droogte heerst die tot de watertekorten in Kaapstad heeft geleid, te maken kan krijgen met de uitsterving van een derde van zijn soorten, waarvan er vele uniek zijn in die regio.

Bovendien zouden de hogere gemiddelde temperaturen en meer onregelmatige regenval volgens het rapport de "nieuwe norm" kunnen worden - met aanzienlijk minder regenval in de Middellandse Zee, Madagaskar en de Cerrado-Pantanal in Argentinië. Mogelijke effecten zijn onder meer:

  • Druk op de watervoorzieningen van Afrikaanse olifanten - die 150-300 liter water per dag moeten drinken
  • 96% van de broedplaatsen van tijgers in de Sundarbans regio in India kunnen onder water raken door zeespiegelstijging
  • Relatief minder mannelijke zeeschildpadden als gevolg van door temperatuur veroorzaakte geslachtsbepaling van eieren.
  • In het Middellandse Zeegebied kan 69% van zijn planten en 60% van zijn zoogdieren uitsterven.

 

Als ratten in de val

Als soorten zich vrij kunnen verplaatsen naar nieuwe locaties, neemt het risico van uitsterving af van ongeveer 25% tot 20% bij een wereldwijde gemiddelde temperatuurstijging van 2°C. Als soorten dat niet kunnen, kunnen ze misschien niet overleven. De meeste planten, amfibieën en reptielen, zoals orchideeën, kikkers en hagedissen kunnen niet snel genoeg bewegen om gelijke tred te houden met deze klimaatveranderingen. Bovendien zorgt de fragmentering van natuurgebieden (door landconversie, aanleg van wegen en andere menselijke infrastructuur) ervoor dat vele soorten gevangen zitten in hun gebied en geen andere plaatsen kunnen zoeken.

Het rapport komt uit op 1,5 week voor Earth Hour, 's werelds grootste sensibiliserende actie voor het milieu. Op 24 maart zullen miljoenen mensen over de hele wereld meedoen met Earth Hour, om hun toewijding te tonen aan het verminderen van wereldwijde uitstoot en het beschermen van mensen en dieren in het wild tegen de gevolgen van klimaatverandering. WWF vraagt aan het brede publiek om de regering op te roepen biodiversiteit op te nemen in de nationale klimaatplannen. Zo wordt de strijd tegen de klimaatverandering ook een strijd om de dramatische achteruitgang van onze biodiversiteit een halt toe te roepen. Op de campagne pagina zijn 3 concrete acties voor Earth Hour terug te vinden.

 

Voorbeelden van soorten uit het rapport

Sneeuwluipaarden leven al onder extreme omstandigheden met zeer weinig marge voor veranderingen in het klimaat. Hun leefgebied zal met 20% krimpen als gevolg van de klimaatverandering en dit zal hen in directe concurrentie brengen over voedsel en territorium met het gewone luipaard, wat waarschijnlijk zal leiden tot een verdere daling van het aantal.

Tijgers leven in sterk gefragmenteerde landschappen en hun habitat zal nog meer lijden onder de  klimaatverandering. De verwachte zeespiegelstijging dompelt bijvoorbeeld 96% van de voortplantingsgebieden onder water voor de tijgers uit de Sundarbans regio in India. Amoertijgers zullen het waarschijnlijk niet tot in de volgende eeuw volhouden als de omvang en kwaliteit van hun habitat wordt verminderd door klimaatverandering.

IJsberen behoren tot de meest gevoelige dieren voor klimaatveranderingen omdat ze afhankelijk zijn van zee-ijs om te leven en te eten. Jongere ijsberen die niet zo geoefende jagers zijn, worden vooral getroffen door voedseltekorten als gevolg van krimpend zee-ijs. IJsberen in sommige gebieden gaan al achteruit - zo is bijvoorbeeld de populatie in de Hudsonbaai al met 22% verminderd - en er wordt voorspeld dat de populaties aan het eind van de 21e eeuw als gevolg van de klimaatverandering sterk zullen dalen.

Zeeschildpadden zijn zeer gevoelig voor klimaatopwarming. Hoewel het bekend is dat volwassenen naar andere wateren zwemmen om te voorkomen dat het te warm wordt, zal een veranderend klimaat van grote invloed zijn op hun nakomelingen. Schildpadden behoren tot de soorten met temperatuurafhankelijke geslachtsbepaling. Warmere temperaturen leiden tot meer vrouwtjes, wat resulteert in een gevaarlijk genderonevenwicht. Ook verhoogde overstromingen zullen de sterfte onder de eieren doen toenemen omdat moeders hun eieren begraven in de stranden. Warmer zand zal bovendien ook kleinere en zwakkere jongen produceren.

Orang-oetans hebben een solitaire levensstijl waardoor ze zich makkelijk kunnen verplaatsen om het hoofd te bieden aan verminderde beschikbaarheid van voedsel als gevolg van veranderende klimaten. Vrouwtjes zijn echter strikt gebonden aan hun territorium, wat hen in problemen kan brengen, omdat er een algemene vermindering is in de beschikbare boshabitat als gevolg van ontbossing, klimaatverandering en andere menselijke druk.

 

Meer informatie

Koen Stuyck | Press Coördinator & woordvoerder | WWF Belgium | koen.stuyck@wwf.be | 02 340 09 67 – 0499 70 86 41

 

Noot aan de redactie

  • Het onderzoek is wetenschappelijk beoordeeld door vakgenoten en op 14 maart 2018 gepubliceerd in het academische tijdschrift Climatic Change. De referentie is ‘The implications of the United Nations Paris Agreement on Climate Change for Globally Significant Biodiversity Areas’ door Warren, R.1, Price, J., VanDerWal, J., Cornelius, S., Sohl, H.
  • WWF is één van de grootste en meest ervaren onafhankelijke natuurbehoudsorganisaties ter wereld, actief in meer dan 100 landen en met meer dan 5 miljoen sympathisanten wereldwijd. Het doel van WWF is de generaties na ons een leefbare planeet na te laten. WWF zet zich in voor het behoud van soorten en hun leefomgeving: bossen, waterrijke gebieden en oceanen. Verder werkt WWF mee aan oplossingen voor de vervuiling en verspilling van natuurlijke hulpbronnen en de klimaatverandering.
  • U kan onze persberichten en rapporten terugvinden op http://www.wwf.be/pers
  • Steun het werk van WWF en surf naar www.wwf.be.

 

EINDE

Samenvatting rapport: 'Wildlife in a warming world'